Storytelling interview

storytellingVerhalen vertellen is mensen eigen maar direct naar een verhaal vragen werkt niet bij een storytelling interview. De ervaring leert dat werken in kleine groepen (2-5 personen) beter werkt dan individuele interviews.

 

Je kan storytelling interview vragen heel open en breed formuleren maar ook meer gesloten en richting gevend.

Open en breed: “Hoe was je eerste dag op school? Wat gebeurde er?”

Gesloten en sturend: “Tijdens je eerste dag op school leerde je veel nieuwe leerlingen kennen? Voelde je gelijk thuis of was het onwennig?”

Open of gesloten … het kan allebei goed zijn maar weet wel wat je doet en dat het antwoord in het tweede geval door de vraag beperkt is.

Naar verhalen vragen kan misschien nog het beste door een klein verhaal te vertellen. Dan voelen mensen vanzelf aan wat de bedoeling is.

Dus niet: “Hoe is het om hier te werken …?” Maar wel: “stel er komt iemand op een verjaardag naar u toe en die vraagt … u werkt al een tijdje bij bedrijf X en ik overweeg ook te solliciteren. Hoe is het om bij bedrijf X te werken? Wat zou u dan vertellen?”

Andere invalshoeken die het makkelijker maken met een verhaal te komen tijdens een storytelling interview:

Je kan vragen naar een bepaald tijdstip of een periode. Bijvoorbeeld

“Wanneer voelde u zich echt te gast in ons hotel? Wat maakte dat u dat zo ervaren heeft?”

Je kan vragen naar een specifieke gebeurtenis.

“Toen u uw auto ophaalde bij de garage: wat maakte dat u tevreden of ontevreden was? Kunt u vertellen hoe dat ging?” Of: “kunt u zich een moment herinneren dat stress ervaren heeft in het ziekenhuis? Wat was de aanleiding?”

Je kan ook een spreekwoord gebruiken om mensen een verhaal te laten vertellen:

“Men zegt weleens …. ‘Vertrouwen komt te voet maar gaat te paard’ oftewel vertrouwen wint men moeizaam maar verliest men heel snel. Als u aan uw werkzaam leven denkt welke gebeurtenis komt dan naar boven in dit verband? Kunt u vertellen wat er toen gebeurde?”

Je kan ook naar een gebeurtenis vragen die extreem was (critical incident):

“Had u ooit een ervaring die opvallend positief of negatief was met bedrijf X? Wat maakte u mee, wat gebeurde er toen? Of: “heb je ooit een ervaring gehad bij je werkgever dat je dacht … nu ben ik echt trots dat ik hier werk? Wat maakte toen dat je dat dacht”.

Uiteraard is het ook mogelijk naar het alledaagse te vragen maar je moet altijd rekening houden met de doelstelling van het onderzoek. Ook kan je alleen naar het positieve vragen maar negatieve ervaringen leren je vaak meer over mogelijke verbeteringen.

Een omslagpunt is ook een goede kapstok voor een verhaal:

“Wanneer dacht u … het moet nu echt anders? Wat was de aanleiding en hoe ging het verder?” Of: “wat was de meest invloedrijke gebeurtenis in uw loopbaan? Kunt u dat toelichten?”

Een scenario kan ook een hulpmiddel zijn om een verhaal te vertellen. “Stel u komt iemand tegen die ontevreden is over zijn garage en op zoek is naar een andere? Wat zou u dan kunnen vertellen wat u geholpen heeft in uw keuze?”

Een concrete opdracht kan ook verhalen opleveren.  Bijvoorbeeld: stel dat jullie een aantal Youtube filmpjes mogen maken om duidelijk te maken wat jullie wijkverpleging echt ‘anders en uniek’ maakt wat zou je dan laten zien? Bedenk locaties, personen, thema’s en verhaallijn voor een filmpje van maximaal 10 minuten. Bij deze opdracht kan je je mogelijk afvragen of dit wel realistische verhalen oplevert maar er zijn genoeg randvoorwaarden in de opdracht te formuleren om te zorgen dat het waarachtige verhalen oplevert die relevant zijn.

Zie ook: Storytelling onderzoek

Auteur: Sjoerd Heskes

Met als achtergrond een studie politicologie en massacommunicatie aan de Universiteit van Amsterdam is Sjoerd Heskes sinds 1993 zelfstandig werkzaam als kwalitatief onderzoeker. Hij is gespecialiseerd in kwalitatief onderzoek door middel van onlineonderzoek, diepte-interviews en focusgroepen. En hij heeft ervaring als facilitator bij workshops, veranderingstrajecten en intern onderzoek bij bedrijven en instellingen.